Korte beschrijving:
Bij Downsyndroom zit er meestal in alle cellen een extra chromosoom. Bij Downsyndroom hoort een lichte tot ernstige verstandelijke handicap en een aantal uiterlijke kenmerken. Wetenschappers onderzochten of de eigenschappen van stamcellen bij Downsyndroom verschillen van die van stamcellen zonder dit syndroom. Stamcellen zijn cellen die zich nog tot ieder type weefsel kunnen ontwikkelen. De wetenschappers programmeerden stamcellen zo dat ze zenuwcellen werden. Ze stelden vast dat beide soorten zenuwcellen met dezelfde snelheid groeiden, maar dat de ontwikkeling van de zenuwcellen met Downsyndroom trager was. Ook het aantal verbindingen dat zenuwcellen maken met andere zenuwcellen was minder. Tenslotte identificeerden de onderzoekers twee genen die betrokken zijn bij het ontwikkelen van zenuwcellen die niet actief zijn bij Downsyndroom. Deze genen liggen niet op het extra chromosoom dat mensen met dit syndroom hebben. De onderzoekers gaan nu bepalen of er meer verschillen in genactiviteit zijn.